De JAVAKRIEL 
.
De Javakriel is een oorspronkelijk dwerghoenderras, hoewel in het begin van de vorige eeuw er wel toonaangevende fokkers waren die spraken van een verkleinde vorm van het toen Hamburgers genoemde ras. In een Geflugel Borse uit de twintiger jaren van de vorige eeuw staat een afbeelding van.

De zwarte Javakrielen zijn van ouds her wel de grootste groep onder de inzendingen op een show.
Hoewel de kwaliteit van de andere kleurslagen niet meer onder doet voor de zwarte. Menigmaal werd een andere kleurslag de kampioen van de clubshow.
Uit de geschiedenis van je Javakrielen blijkt, dat hun huidige vorm ongeveer 125 jaar geleden ontstond. Voordien waren het type, de bevedering en de kopversiering aan veranderingen onderhevig. Men kan wel stellen, dat de verfijning van het ras een hoogtepunt heeft bereikt.
Soort beschrijving van de javakrielen met een aantal eisen die worden gevraagd voor de tentoonstellingen.
Javakrielen zijn klein en sierlijk. Het lichaam is kort en breed, de rug is breed en vlak, de borst is breed, goed afgerond en wordt wat hoog gedragen. De grote vleugels worden neerwaarts gedragen. De staart is groot, met brede veren, en wordt achterwaarts maar niet te laag gedragen, de staartstuurveren geopend. De haan heeft brede sikkels vanaf de basis tot het einde en de punten goed afgerond. De grootste sikkels zijn goed gebogen en de staartstuurveren mogen niet voorbij de sikkels steken. De kleinere sikkels vallen regelmatig over de staartstuurveren tussen de grote sikkels en het rijk ontwikkelde zadelbehang. De hals is vrij kort en wordt wat naar achter gedragen. Bij de haan valt het rijk ontwikkelde halsbehang over de schouders en de rug, zodat een korte holle lijn ontstaat waar hals, rug en staart in elkaar overgaan. De benedendijen en de loopbenen zijn vrij kort, de benen zijn rond en fijn geschubd en hebben vier tenen. De hen volgt de beschrijving van de haan met uitzondering van de geslachtelijke verschillen. Ze heeft een zeer goed ontwikkeld staartdek.
De bevedering heeft grote invloed op het type. Javakrielen hebben zeer brede veren, met rijk ontwikkelde sierveren, doch met weinig donsontwikkeling. De veren liggen glad aangesloten.
De bevedering is erg belangrijk bij de beoordeling. Als we succes willen hebben met Javakrielen, moeten onze eerste fokdieren die rijke bevedering bezitten, ook de hennen. Hennen uit de beste stammen hebben een goed ontwikkelde halskraag, die tot op de schouders reikt en ze hebben volop lange veren op het rugkussen, terwijl de staartdekveren breed en goed ontwikkeld en tamelijk lang zijn.
De staartstuurveren zijn lang en breed en de bovenste veren neigen minimaal gebogen te zijn, waarbij opgemerkt dient te worden dat de hoofdsikkels van de hanen als een boog over de staartstuurveren heenlopen, en de staartstuurveren niet door de sikkels heensteken.
Javakrielen hebben een kleine, korte maar brede kop waarop ze een fraaie roze kam dragen. Ietwat vierkant van voren, vrij van holten of grove uitsteeksels, doch bedekt met fijne puntjes. De lange, ronde en rechte doorn ligt in het verlengde van de kam. Het gezicht is rood. Wit in het gezicht is een ernstige fout, vooral bij jonge dieren. De witte oren zijn volkomen rond, opvallend aanwezig en hebben dezelfde rondingen en verhoudingen tot de vorm van de kinlellen. Het wit is glacéachtig van structuur en bedekt ook de randen en de achterzijde van de oorlellen. De oorlellen moeten vlak zijn, zonder holte. Veel voorkomende fouten bij de oorlellen zijn: rood in de oorranden, blauwachtige kleur, ovale of een afgeronde driehoeksvorm of te kleine oorlellen, roest of blaasjes op de oorlellen. De rode kinlellen zijn rond en fijn van weefsel. Bij de hen is de kopversiering even belangrijk als bij de haan, doch kleiner van afmetingen.
Het gewicht van Javakrielen is voor de hanen tussen de 600 en 675 gram en voor de hennen tussen de 500 en 550 gram.
Oude Javakriel hanen lopen vaak sterk terug in de lengte van de hoofsikkels en ook de kwaliteit van de oorlellen gaat er dikwijls niet op vooruit bij het ouder worden. Indien een oude haan in deze punten echter van redelijke kwaliteit is gebleven, gebruiken we hem bij voorkeur in de foktoom, vooral als ze jong zeer goed waren.
Javakrielen worden niet te laat in het seizoen gefokt, ze hebben tijd nodig om vol in de veren te komen. In het najaar, als de krielen geheel in de veren zijn, kunnen ze vaak verrassen door hun type, kleur en kopversierselen en de hoogste eer behalen.
Javakrielen zijn levendig en tam. De hennetjes leggen goed en voldoen als kloekjes als ze broeds worden. Men kan ze in kleine hokjes houden, die tochtvrij moeten zijn om de gevoelige oorlellen en kam te beschermen. Vanwege de oorlellen moeten we er voor waken dat de jonge haantjes elkaar gaan bevechten. Veelbelovende haantjes kan men al vroeg opkooien in een ruime, lichte, luchtige en regelmatig goed te reinigen kooi. Om de volgroeide haan in conditie te houden, zou hij gezelschap van een rustig hennetje kunnen krijgen, dat we niet van plan zijn te showen. De toekomstige showhennen kunnen we samen zonder hanen huisvesten.
Conditie is belangrijk voor de tentoonstelling. De zorg hiervoor begint bij het kuiken en duurt het hele leven. Het omvat niet alleen de dagelijkse zorg, de huisvesting, de voeding en controle op ongedierte, maar vooral de regelmaat en het zeer geleidelijk veranderen van het dieet als dat nodig is. Vooral bij zwarte Javakrielen kunnen plotselinge veranderingen in het dieet in de ruitijd de dieren voor het hele seizoen bederven. Het gevolg kan namelijk violette strepen in de groene veerglans zijn.
Op tentoonstellingen ontbreken de Java’s niet. Ook zien we veel kleurslagen. Erkend zijn 20 kleurslagen. Erkende kleuren zijn: zwart, wit, koekoek, blauw gezoomd, patrijs, zilverpatrijs, buff, porselein, parelgrijs, zwart-witgepareld, blauw-witgepareld, blauwpatrijs, koekoekpatrijs, geelpatrijs, citroenporselein, wit-zwart columbia, buff-zwart columbia, berken, wit-blauw columbia en parelgrijskoekoek.
De JAVA SPECIAALCLUB:
Op de zelfstandige club show van de Javaclub , waar ik ook lid van ben, zijn alle erkende en vaak nog in ontwikkeling zijnde kleurslagen te bewonderen. Gemiddeld worden er zo’n 200 dieren ingezonden. Uiteraard is dit ook een ontmoetingsplaats voor alle fokkers van javakrielen om ervaringen en bevindingen wat betreft het houden, fokken en showen van de krielen met elkaar te delen.
De Nederlandse Java Club( http://www.nederlandsejavaclub.nl ) heeft ongeveer een 75-tal leden. Naast de vergaderingen wordt ook een jongdieren keuring gehouden in de maand september. Verder is er een clubdag in het voorjaar. Daarnaast verschijnt viermaal per jaar de Javabode, het clubblad , met vele wetenswaardigheden over de club en het ras.
Tevens zijn de fokkers en bestuursleden altijd bereidt u door te verwijzen naar diverse javakriel fokkers die de kleurslag waarvoor u belangstelling of informatie zou willen ontvangen fokt. Ook kunnen ze u aan telefoonnummers en adressen helpen van fokkers die nog eventueel krielen te koop heeft zitten. Voor meer infomatie over deze speciaalcub verwijs ik u graag naar bovengenoemde site ( als u de blauwgeschreven tekst aanklikt krijgt de website).
De hobbyfokker van Friesland wat betreft diverse soorten kwartels en patrijzen , lachduiven en java krielen wit-zwartcolumbia.